|
Sinds 2002 bestaat de Academie voor Psychiatrie in Haarlem. Sinds die tijd verzorgen wij opleidingen binnen de GGZ. Naast verpleegkundige opleidingen zetten wij ons in om mensen op te leiden die als (ex)client van de psychiatrie een startkwalificatie ambieren.
De zorginstellingen InGeest, HVO-Querido en Arkin in Amsterdam, GGZ Dijk en Duin te Castricum de RIBW-KAM in Haarlem, GGZ Noordholland-Noord te Heiloo samen met ROC ASA (onderdeel van Amarantis onderwijsgroep) hebben zij de Academie voor de Psychiatrie opgericht. Sindsdien hebben vele andere instellingen zich aangesloten bij dit initiatief.
Het is van meet af aan de bedoeling geweest dat het opleidingsaanbod binnen de wettelijke kaders zou blijven vallen die daarvoor zijn opgesteld. De Academie is derhalve geen anarchistisch initiatief maar blijft als opleidingscentrum deel uitmaken van grotere onderwijsinstellingen, met hun eigen identiteit, kwaliteitseisen en regelgeving vanuit overheid en eigen koepel, de MBORaad. De Academie richt zich op een combinatie van leren en werken.
Onze visie op de brede opleiding voor verpleegkundigen
Het samenhangend stelsel van opleidingen voor verzorgende en verplegende beroepen is mede gestoeld op de wens tot brede inzetbaarheid van verpleegkundigen. Derhalve is gekozen voor een brede opleiding voor verpleegkundige beroepen. Zo bestrijkt de huidige opleiding tot verpleegkundige de terreinen van alle voormalige inservice opleidingen (A,B en Z) alsmede de kraam-en kinderverpleegkunde.
Na het moment van invoering van het stelsel (1997), zijn de eerste lichtingen verpleegkundigen op de niveaus 4 en 5 afgeleverd.Over het functioneren van deze breed opgeleide ' beroepsbeoefenaren' mag verwacht worden dat de inzetbaarheid van deze verpleegkundigen binnen de instellingen voor (psychiatrische)gezondheidszorg in eerste instantie beperkt zal zijn. Dit geldt met name voor hen die een brede opleiding in voltijds dagonderwijs hebben gevolgd, afhankelijk van de gekozen differentiatie. Veel zorginstellingen vragen immers om een minder brede, specifieke verpleegkundige deskundigheid binnen het betreffende werkveld. Genoemd spanningsveld wordt ook ervaren door de studenten zelf. Hun leervragen worden immers gegenereerd door de ervaringen die zij opdoen in de zorgsettings van de instelling waarin zij werkzaam zijn.
Zij ervaren hun brede opleiding eerder als een belemmering om te voldoen aan de eis van specifieke verpleegkundige deskundigheid. In het algemeen kan worden gesteld dat sinds de invoering van het samenhangend stelsel in augustus 1997 veel ROCs, hogescholen en zorginstellingen zoeken naar een hanteerbare breedte van met name leren/werken opleidingen. Men realiseert zich met andere woorden dat brede inzetbaarheid ten koste kan gaan van kwaliteit en professionaliteit.
Onze twijfel strekt zich ook uit tot het idee van de verticale ontschotting als motivatie voor brede verpleegkundige opleidingen, zoals dat in het stelsel wordt geformuleerd. Met verticale ontschotting bedoelt men de snel voortschrijdende opheffing van de tweedeling tussen de somatische en de geestelijke gezondheidsheidszorg. Het wegvallen van die scheiding rechtvaardigt -volgens het stelsel- brede verpleegkundige opleidingen. Wij zijn echter van mening dat de tweedeling in hoofdlijnen zal blijven voortbestaan, diepgeworteld als zij is in onze cultuur. Het onderscheid is een duurzaam sociaal fenomeen. Met deze kritiek op de breed opgeleide verpleegkundige wordt de weg geopend voor onze eigen keuze, namelijk het branchegericht opleiden. De behoefte aan deskundigheid, die door de branche i.c. de GGZ gevraagd wordt, bepaalt mede de optimale opleidingsbreedte.
|